ECLI:NL:HR:2001:AB3198
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- F.H. Koster
- A.M.M. Orie
- B.C. De Savornin Lohman
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitleveringsuitspraak wegens schending openbaarheidsvereiste
De zaak betreft een beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Arrondissementsrechtbank te Roermond, waarin de uitlevering van de opgeëiste persoon aan Duitsland werd toegelaten. De opgeëiste persoon had verzocht om de behandeling van het uitleveringsverzoek achter gesloten deuren te laten plaatsvinden vanwege gevoelens van schaamte.
De rechtbank wees dit verzoek af en behandelde de zaak in het openbaar. De Hoge Raad oordeelt dat artikel 25, eerste lid, van het Uitleveringswet voorschrijft dat het verhoor van de opgeëiste persoon in het openbaar geschiedt, tenzij deze zelf een behandeling met gesloten deuren verlangt of de rechtbank om gewichtige redenen sluiting beveelt. De rechtbank had geen discretionaire bevoegdheid het verzoek af te wijzen.
De Hoge Raad vernietigt daarom de bestreden uitspraak en beveelt dat de opgeëiste persoon opnieuw wordt opgeroepen om op het verzoek tot uitlevering te worden gehoord, ditmaal met inachtneming van het recht op behandeling achter gesloten deuren indien gewenst.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de uitleveringsuitspraak wegens onterecht afwijzen van het verzoek tot behandeling achter gesloten deuren.