ECLI:NL:HR:2001:AB2742
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt alimentatiebepaling na echtscheiding en weegt omstandigheden huwelijk
De man en vrouw zijn in 1971 gehuwd in algehele gemeenschap van goederen. Na hun echtscheiding in 2000 bepaalde de rechtbank dat de man maandelijks ƒ 10.500 aan de vrouw moest betalen voor haar levensonderhoud. Het hof stelde dit bedrag bij tot ƒ 10.000 per maand, waartegen de man cassatie instelde.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat bij de alimentatiebepaling zowel financiële als niet-financiële omstandigheden tijdens het huwelijk meewegen, met als doel de vrouw in staat te stellen haar levensstandaard te handhaven. Het hof heeft geen onjuiste rechtsopvatting gegeven en heeft voldoende gemotiveerd waarom het bepaalde factoren heeft meegewogen, zoals het gespaarde inkomen en het ontbreken van pensioenvoorzieningen.
Verschillende klachten van de man over de motivering en bewijsvoering faalden vanwege gebrek aan feitelijke grondslag of onvoldoende specificatie. De Hoge Raad bevestigt dat het hof niet verplicht was rekening te houden met toekomstige vermogensverdeling zonder redelijke zekerheid. Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking van het hof blijft in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de alimentatiebepaling van ƒ 10.000 per maand.