ECLI:NL:HR:2001:AB2240
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- A. Hammerstein
- W.H. Heemskerk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortzetting verblijf in psychiatrisch ziekenhuis onder Bopz
De zaak betreft een vordering van de Officier van Justitie tot verlenging van het verblijf van verzoeker in een psychiatrisch ziekenhuis op grond van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Bopz). De Rechtbank Rotterdam verleende op 24 november 2000 een machtiging tot voortgezet verblijf tot uiterlijk 23 december 2000, welke beschikking op 6 december 2000 werd verbeterd. Vervolgens verleende de rechtbank op 12 december 2000 een machtiging tot voortgezet verblijf tot uiterlijk 24 november 2001.
Verzoeker stelde beroep in cassatie tegen beide beschikkingen. De Advocaat-Generaal adviseerde niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker voor zover gericht tegen de beschikking van 24 november 2000 en verwerping van het beroep tegen de beschikking van 12 december 2000.
De Hoge Raad volgt dit advies en verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep tegen de beschikking van 24 november 2000. Voor het overige verwerpt de Hoge Raad het beroep. De rechtbank mocht op grond van bijzondere omstandigheden, waaronder het niet tijdig kunnen horen van verzoeker, beslissen over de totale duur van het voortgezet verblijf. De beschikking van 12 december 2000 is daarmee rechtsgeldig.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in cassatie tegen de beschikking van 24 november 2000 en het beroep tegen de beschikking van 12 december 2000 wordt verworpen.