ECLI:NL:HR:2000:AE6379
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- A.E. de Moor
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vermindering naheffingsaanslag omzetbelasting ondanks bezwaar belanghebbende
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor de omzetbelasting over de periode van 1 januari 1992 tot en met 30 juni 1996, met een verhoging van honderd procent waarvan de helft werd kwijtgescholden. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag en de verhoging. Het hof verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond, verminderde de aanslag en bevestigde het kwijtscheldingsbesluit.
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het hofarrest met twee middelen. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de bewijslast correct had verdeeld en dat de Inspecteur aannemelijk had gemaakt dat de opbrengsten uit speelautomaten niet correct waren verantwoord. Het hof had terecht het vertrouwen in eerdere controles niet als grond voor kwijtschelding aanvaard.
De Hoge Raad vond geen aanleiding tot het beantwoorden van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling en wees het cassatieberoep af. Ook werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het arrest werd op 6 december 2000 uitgesproken door vijf raadsheren onder voorzitterschap van G.J. Zuurmond.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het hofarrest bevestigd.