ECLI:NL:HR:2000:AA8418
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- D.H. Beukenhorst
- L. Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing tabeltarief op aandelenopties bij bindende arbeidsrelatie
Belanghebbende kreeg in 1993 in het kader van een overname opties toegekend op aandelen van de overnemende buitenlandse vennootschap, die pas na drie tot tien jaar konden worden uitgeoefend. In 1996 oefende hij deze opties uit terwijl zijn arbeidsrelatie nog bestond.
De Inspecteur legde een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen op waarbij het voordeel uit de opties geheel werd belast tegen het tabeltarief. Belanghebbende maakte bezwaar en ging in beroep bij het Hof, dat de aanslag bevestigde. Vervolgens stelde belanghebbende beroep in cassatie in tegen het oordeel van het Hof.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof terecht heeft geoordeeld dat de opties zijn toegekend om belanghebbende als werknemer langdurig aan de groep te binden, en niet in verband met het staken of nalaten van werkzaamheden. Het cassatieberoep faalt omdat het oordeel van het Hof geen onjuiste rechtsopvatting bevat en de feitelijke waarderingen niet met succes kunnen worden bestreden.
Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel om het bijzondere tarief toe te passen wordt verworpen. De Hoge Raad ziet geen aanleiding tot een veroordeling in proceskosten en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het oordeel van het Hof bevestigd dat het voordeel uit de opties belast wordt tegen het tabeltarief.