ECLI:NL:HR:2000:AA7833
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag inkomstenbelasting wegens staken onderneming en pachtovereenkomst
Belanghebbende kreeg voor 1995 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op een belastbaar inkomen van ƒ 446.299,--. Na bezwaar en beroep bij het hof werd deze aanslag gehandhaafd. Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het hofarrest.
De zaak draait om de vraag of een bedrag van ƒ 250.000,--, ontvangen na beëindiging van een pachtovereenkomst, moet worden aangemerkt als winst uit onderneming. Belanghebbendes vader had een veehouderij met een pachtovereenkomst die niet werd verlengd, waardoor belanghebbende zijn plan tot bedrijfsovername staakte.
De Hoge Raad oordeelt dat het bedrag direct verband houdt met het staken van de onderneming en kwalificeert het als voordeel uit onderneming volgens artikel 8 en Pro 57 van de Wet op de inkomstenbelasting 1964. Het hofarrest wordt vernietigd, de aanslag verminderd en proceskosten worden toegewezen aan belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad vermindert de aanslag inkomstenbelasting en kwalificeert het ontvangen bedrag als voordeel uit onderneming.