ECLI:NL:HR:2000:AA7104
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- J.B. Fleers
- W.H. Heemskerk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker in cassatie wegens ontbreken advocaathandtekening
Verzoeker heeft bij de Rechtbank Amsterdam een verzoek ingediend op grond van artikel 23 van Pro de Wet politieregisters om politie-mutaties te verwijderen of aan te passen. De rechtbank heeft de korpsbeheerder gelast bepaalde mutaties aan te passen. Tegen deze beschikking stelde verzoeker hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam, dat de beschikking van de rechtbank bekrachtigde. Vervolgens stelde verzoeker beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Procureur-Generaal strekte tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker in zijn cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk is omdat het verzoekschrift niet was ondertekend en ingediend door een advocaat, zoals voorgeschreven in artikel 426a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De Hoge Raad wees het beroep af op formele gronden, zonder inhoudelijke beoordeling van het geschil over de politie-mutaties. De beschikking werd gegeven door de raadsheren R. Herrmann, A.E.M. van der Putt-Lauwers en J.B. Fleers, en in het openbaar uitgesproken door W.H. Heemskerk op 15 september 2000.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens het ontbreken van een advocaatshandtekening.