ECLI:NL:HR:2000:AA5638

Hoge Raad

Datum uitspraak
28 april 2000
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
R99/041HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • H.L.J. Roelvink
  • P. Neleman
  • W.H. Heemskerk
  • R. Herrmann
  • J.B. Fleers
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 429n Rv
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt beroep in cassatie inzake wijziging levensonderhoudsbijdrage

De man verzocht bij de Rechtbank Haarlem om wijziging van de beschikking van de Rechtbank Alkmaar en het Gerechtshof Amsterdam, waarbij de bijdrage in de kosten van levensonderhoud aan de vrouw werd vastgesteld. Hij wilde de bijdrage met ingang van 1 mei 1997 op nihil of een lager bedrag stellen.

De rechtbank wijzigde de beschikking gedeeltelijk en legde een maandelijkse uitkering van 1.955 gulden op met ingang van 18 juli 1997. De man stelde hoger beroep in tegen deze beschikking, maar het Gerechtshof Amsterdam verklaarde hem niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep.

De man stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De vrouw diende geen verweerschrift in. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad volgde dit advies en verwierp het beroep, waarmee de beschikking van het hof in stand bleef.

Uitkomst: Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring in hoger beroep.

Uitspraak

28 april 2000
Eerste Kamer
Rek.nr. R99/041HR
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr G. Janssen,
t e g e n
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 17 juli 1997 gedateerd verzoekschrift heeft verzoeker tot cassatie B verder te noemen: de man - zich gewend tot de Rechtbank te Haarlem en verzocht de beschikking van de Rechtbank te Alkmaar van 9 december 1993, welke door het Gerechtshof te Amsterdam bij be-schikking van 16 juni 1994 is bekrachtigd, in dier voege te wijzigen dat de door de man verschuldigde bijdrage in de kosten van het levensonderhoud van verweerster in cas-satie B verder te noemen: de vrouw B met ingang van 1 mei 1997 wordt gesteld op nihil, althans op een zodanig bedrag en met ingang van zodanige datum als de Rechtbank in goede justitie zal vermenen te behoren.
DDe vrouw heeft het verzoek gemotiveerd bestreden.
DDe Rechtbank heeft bij beschikking van 31 maart 1998 de beschikking van de Rechtbank te Alkmaar van 9 december 1993 in dier voege gewijzigd dat de man aan de vrouw met ingang van 18 juli 1997 een uitkering tot le-vensonderhoud dient te betalen van / 1.955,-- per maand en het meer of anders verzochte afgewezen.
TTegen deze beschikking heeft de man hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam.
BBij beschikking van 24 december 1998 heeft het Hof de man niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep verklaard. De beschikking van het Hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het Hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
DDe vrouw heeft geen verweerschrift ingediend.
DDe conclusie van de Advocaat-Generaal Wesseling- Van Gent strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De middelen falen op de gronden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal Wesseling-Van Gent.
4. Beslissing
DDe Hoge Raad verwerpt het beroep.
DDeze beschikking is gegeven door de vice-president H.L.J. Roelvink als voorzitter en de raadsheren P. Neleman, W.H. Heemskerk, R. Herrmann en J.B. Fleers, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 28 april 2000.