ECLI:NL:HR:2000:AA5216
Hoge Raad
- Cassatie
- J. Korthals Altes
- J. Zuurmond
- J. Pos
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag inkomstenbelasting wegens aftrek herbegrafeniskosten
Belanghebbende kreeg voor 1995 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op een belastbaar inkomen van f 45.126, welke na bezwaar en beroep bij het Hof werd gehandhaafd. De moeder van belanghebbende overleed in 1995 en kon niet in het dubbelgraf bij de vader worden begraven. Daarom werden de stoffelijke resten van de vader herbegraven in het graf van de moeder op een ander kerkhof, nagenoeg gelijktijdig met de begrafenis van de moeder.
De Inspecteur weigerde de aftrek van de kosten van deze herbegrafenis als buitengewone lasten. Het Hof volgde dit standpunt, stellende dat geen rechtstreeks verband bestond tussen de kosten en het overlijden van de moeder. De Hoge Raad oordeelt echter dat het herbegraven integraal deel uitmaakt van de begrafenis van de moeder en dat de kosten daarom rechtstreeks verband houden met haar overlijden.
De Hoge Raad vernietigt de uitspraak van het Hof en vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van f 43.916. De zaak wordt terugverwezen naar het Hof voor de vaststelling van de proceskosten die belanghebbende redelijkerwijs heeft moeten maken. De Staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht voor het cassatieberoep en het hofberoepsproces.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting 1995 wordt verminderd wegens aftrekbare kosten van herbegrafenis, en de zaak wordt terugverwezen voor vaststelling van proceskosten.