ECLI:NL:HR:2000:AA4780
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Mijnssen
- raadsheer Neleman
- raadsheer Jansen
- raadsheer Fleers
- raadsheer Hammerstein
- raadsheer Heemskerk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over pensioenafstorting na overlijden bestuurder
Deze zaak betreft een geschil over de afstorting van een pensioenvoorziening van ƒ 400.000 die was toegezegd aan een overleden bestuurder van een vennootschap. De erfgenaam van de overledene vorderde betaling van dit bedrag, terwijl de vennootschap en diens broer dit betwistten. De rechtbank wees de vorderingen af, maar het hof stelde de erfgenaam in het gelijk en veroordeelde de broer en vennootschap tot betaling.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de pensioenafstorting als een bruto beloning aan de overledene zou gelden, terwijl de oorspronkelijke afspraak was dat het bedrag zou worden afgestort bij een verzekeraar voor een pensioenvoorziening. Ook hield het hof onvoldoende rekening met de dwingendrechtelijke bepalingen van de Pensioen- en spaarfondsenwet.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest van het hof en verwees de zaak naar het hof te Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing. De erfgenaam werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het hof Amsterdam voor verdere behandeling.