ECLI:NL:HR:2000:AA4328

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 januari 2000
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
34835
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • Pos
  • Beukenhorst
  • Monné
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 46 lid 3 letter e Wet op de inkomstenbelasting 1964Art. 5a Wet administratieve rechtspraak belastingzaken
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt oordeel Hof over opnames ziekenhuis voor inkomstenbelasting 1995

Belanghebbende kreeg voor het jaar 1995 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd op basis van een belastbaar inkomen van f 34.262. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof, dat de uitspraak van de Inspecteur bevestigde.

Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad tegen het oordeel van het Hof. De kern van het geschil betrof de vraag of de verschillende ziekenhuisopnames in 1995 als één opname in de zin van artikel 46, lid 3, letter e, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 moesten worden gezien.

De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht heeft geoordeeld dat de opnames niet als één opname kunnen worden beschouwd vanwege de duur van de onderbrekingen tussen de opnames. Hierdoor leidt het middel niet tot cassatie. De Hoge Raad wees ook een veroordeling in proceskosten af en verwierp het beroep in cassatie.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat meerdere ziekenhuisopnames niet als één opname worden beschouwd.

Uitspraak

Nr. 34835
19 januari 2000
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 29 september 1998 betreffende de hem voor het jaar 1995 opgelegde aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof
Aan belanghebbende is voor het jaar 1995 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd naar een belastbaar inkomen van f 34.262,--, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd.
Belanghebbende is van de uitspraak van de Inspecteur in beroep gekomen bij het Hof.
Het Hof heeft die uitspraak bevestigd. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een vertoogschrift ingediend.
3. Beoordeling van het middel
Het Hof heeft de vraag of de opnames van belanghebbende in het ziekenhuis in het onderhavige jaar, 1995, als één opname in de zin van artikel 46, lid 3, letter e, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 moeten worden beschouwd, gezien de duur van de onderbrekingen tussen deze opnames terecht ontkennend beantwoord. Het middel kan derhalve niet tot cassatie leiden.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
5. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is op 19 januari 2000 vastgesteld door de raadsheer Pos als voorzitter en de raadsheren Beuken-horst en Monné, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier Bolle, en op die datum in het openbaar uitge-sproken.