ECLI:NL:HR:1999:ZD6215

Hoge Raad

Datum uitspraak
5 oktober 1999
Publicatiedatum
8 april 2013
Zaaknummer
11-99-V CJIB 19585946
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • vice-president Davids
  • raadsheer Van Erp
  • raadsheer Taalman Kip-Nieuwenkamp
  • raadsheer Schipper
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep in cassatie tegen beslissing kantonrechter Dordrecht

De betrokkene stelde beroep in cassatie in tegen de beslissing van de kantonrechter te Dordrecht van 9 september 1998, waarin het beroep van de betrokkene ongegrond werd verklaard.

De Hoge Raad heeft het oordeel van de kantonrechter beoordeeld en vastgesteld dat dit oordeel geen blijk geeft van schending van het recht. De gronden waarop de kantonrechter zijn beslissing baseerde zijn niet onbegrijpelijk en kunnen vanwege hun feitelijke aard in cassatie niet verder worden getoetst.

Daarom oordeelt de Hoge Raad dat er geen reden is om de bestreden beslissing ambtshalve te vernietigen en verwerpt het cassatieberoep. Het arrest is uitgesproken op 5 oktober 1999 door de strafkamer van de Hoge Raad der Nederlanden.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beslissing van de kantonrechter blijft in stand.

Uitspraak

5 oktober 1999
Strafkamer
nr. 11-99-V
CJIB 19585946
SM

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest
op het beroep in cassatie tegen de beslissing van de Kantonrechter te Dordrecht van 9 september 1998 betreffende:
[betrokkene] , wonende te [woonplaats]
1. De beslissing van de Kantonrechter
De Kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene ongegrond verklaard.
De beslissing van de Kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Geding in cassatie
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de Kantonrechter beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
3. Beoordeling van de bestreden beslissing
Het oordeel van de Kantonrechter geeft geen blijk van schending van het recht; het steunt op gronden die niet onbegrijpelijk zijn en die wegens hun feitelijke aard in cassatie niet verder kunnen worden getoetst.
De Hoge Raad oordeelt geen grond aanwezig waarop de bestreden beslissing ambtshalve zou behoren te worden vernietigd.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president Davids als voorzitter, en de raadsheren Van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp en Schipper, in bijzijn van de waarnemend-griffier Verboon, en uitgesproken op
5 oktober 1999.