ECLI:NL:HR:1999:AA2844
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- De Moor
- Van Vliet
- Hammerstein
- Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vraagt prejudiciële beslissing over omzetbelasting en zakelijke rechten
Belanghebbende, Stichting "Goed Wonen", kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over het tijdvak april tot juni 1995. De Inspecteur handhaafde de aanslag na bezwaar, maar verminderde deze ambtshalve later. Het Gerechtshof Arnhem vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en handhaafde de vermindering.
De Hoge Raad onderzoekt in cassatie of de vestiging van een recht van vruchtgebruik op huurwoningen als levering in de zin van de Wet op de omzetbelasting 1968 moet worden gezien. De Hoge Raad oordeelt dat de Stichting een zelfstandige rechtspersoon is en dat de vestiging van het vruchtgebruik geen levering is, omdat het een beperkt recht betreft zonder eigendomsmacht.
De Hoge Raad stelt vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen over de uitleg van artikel 5 lid 3 en Pro artikel 13 van Pro de Zesde richtlijn, met name over de voorwaarden waaronder zakelijke rechten als levering worden aangemerkt en de reikwijdte van het begrip verhuur. Het geding wordt geschorst in afwachting van de prejudiciële uitspraak.
Uitkomst: De Hoge Raad schorst het geding en verzoekt het Hof van Justitie om prejudiciële uitleg over omzetbelasting en zakelijke rechten.