ECLI:NL:HR:1999:AA2833
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Pos
- Fleers
- Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak inzake aanslag inkomstenbelasting 1994
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1994 een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd op een belastbaar inkomen van ƒ 142.679,--. Na bezwaar werd de aanslag gehandhaafd door de Inspecteur. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof te 's-Gravenhage, dat de uitspraak van de Inspecteur bevestigde.
Tegen deze uitspraak stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad, waarbij verschillende middelen werden aangevoerd. De Staatssecretaris van Financiën diende een verweerschrift in. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde middelen niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de middelen geen vragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad wees ook een veroordeling in proceskosten af, conform artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken. Het arrest werd op 12 mei 1999 in het openbaar uitgesproken door de vice-president Stoffer en raadsheren Zuurmond, Pos, Fleers en Monné.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het Hof bevestigd.