ECLI:NL:HR:1999:AA2779
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Hammerstein
- Lourens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gelijkheidsbeginsel bij naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting opgelegd voor een personenauto, berekend volgens het tarief voor bestelauto's vanwege een overgangsregeling voor kentekens van vóór 1988. Na bezwaar en beroep bij het Hof Arnhem werd de aanslag gehandhaafd.
In cassatie stelde belanghebbende dat het gelijkheidsbeginsel uit artikel 26 IVBPR Pro meebrengt dat zijn auto niet als bestelauto maar als personenauto moet worden aangemerkt, ondanks de datum van het kentekenbewijs deel II. Het Hof oordeelde dat de wetgever om doelmatigheidsredenen de rechten van houders van grijze kentekens van vóór 1 januari 1988 respecteert en dat dit geen verboden discriminatie oplevert.
De Hoge Raad bevestigt dat de overgangsregeling een rechtvaardiging vormt en dat belanghebbende niet op gelijke wijze kan worden behandeld als houders van vóór 1988 gedateerde kentekenbewijzen, omdat bij hem geen vertrouwen is gewekt op een blijvend bestelautotarief. Het beroep wordt verworpen en er worden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting blijft gehandhaafd.