ECLI:NL:HR:1998:AA2442
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- De Moor
- Meij
- Van Vliet
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad beslist over herziening omzetbelasting bij bouw tribune stadion Groningen
Belanghebbende, eigenaar van het Oosterparkstadion te Groningen, had een naheffingsaanslag omzetbelasting ontvangen wegens aftrek van omzetbelasting op de bouw van een nieuwe tribune (tribune-zuid). Het Hof Leeuwarden oordeelde dat deze tribune een zelfstandige onroerende zaak vormde, waardoor herziening van de aftrek van omzetbelasting terecht was.
In cassatie stelde belanghebbende dat de tribune-zuid niet als zelfstandige onroerende zaak kan worden beschouwd, maar als onderdeel van het stadioncomplex als geheel. De Hoge Raad onderschrijft dit standpunt en overweegt dat het stadion als één economische eenheid moet worden gezien, ook al heeft de tribune een eigen ingang en is niet verbonden met andere tribunes.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en de uitspraak van de Inspecteur, vermindert de naheffingsaanslag aanzienlijk en veroordeelt de Staatssecretaris van Financiën tot vergoeding van proceskosten. Hiermee wordt bevestigd dat de bouw van de tribune-zuid geen levering van een nieuw vervaardigde onroerende zaak is en dat geen herziening van de omzetbelasting kan plaatsvinden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en vermindert de naheffingsaanslag omdat de tribune-zuid geen zelfstandige onroerende zaak vormt en geen herziening van omzetbelasting plaatsvindt.