ECLI:NL:HR:1998:AA2441
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. Jaap Stoffer
- Zuurmond
- Fleers
- Beukenhorst
- Monné
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gezagsverhouding en belastingheffing bij deelname Europees Kampioenschap voetbal
Belanghebbende, een in Nederland woonachtige voetballer, ontving voor zijn deelname aan het Europees Kampioenschap voetbal 1988 een beloning en sponsorbijdragen. De Inspecteur stelde de aftrek elders belast aanvankelijk lager vast, waarna belanghebbende bezwaar maakte en het geschil bij het Hof aanhangig maakte.
Het Hof oordeelde dat er een gezagsverhouding bestond tussen de KNVB en de spelers van de Nederlandse selectie, waardoor de inkomsten als loon uit niet-zelfstandige arbeid moesten worden aangemerkt op grond van artikel 10 van Pro de belastingverdragsregeling tussen Nederland en Duitsland. Het Hof verhoogde de aftrek elders belast.
De Hoge Raad stelt vast dat het Hof geen onjuiste rechtsopvatting heeft gegeven en dat de feitelijke waarderingen niet in cassatie kunnen worden getoetst. De motivering van het Hof, onder meer dat de bondscoach beslissingsbevoegdheid had over de inzet van spelers, is voldoende om de aanwezigheid van een gezagsverhouding aan te nemen.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en wijst een veroordeling in proceskosten af. Het arrest is op 11 februari 1998 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de inkomsten van de voetballer als loon uit niet-zelfstandige arbeid worden aangemerkt.