ECLI:NL:HR:1998:AA2338
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- De Moor
- Meij
- Van Vliet
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitsluiting aftrek omzetbelasting privégebruik personenauto's door werknemers
Belanghebbende, een fiscale eenheid, vroeg teruggaaf van omzetbelasting over december 1992, inclusief een bedrag gerelateerd aan privégebruik van ter beschikking gestelde personenauto's aan werknemers. De Inspecteur verleende aanvankelijk teruggaaf, maar weigerde verdere teruggaaf na bezwaar. Het Hof vernietigde deze beslissing en stelde een lager bedrag vast dan door belanghebbende gevraagd.
In cassatie stelden zowel belanghebbende als de Staatssecretaris bezwaren tegen het oordeel van het Hof. Het Hof had geoordeeld dat bij gebrek aan concrete gegevens over het privégebruik van de auto's CBS-gegevens als betrouwbare basis mogen dienen in plaats van het autokostenforfait uit de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968.
De Hoge Raad oordeelde dat dit oordeel van feitelijke aard is en in cassatie niet kan worden getoetst. Ook bevestigde de Hoge Raad dat de uitsluiting van aftrek omzetbelasting geldt voor zowel vaste als variabele autokosten en dat woon-werkverkeer ook onder het begrip privégebruik valt. Beide cassatieberoepen werden verworpen. De Staatssecretaris werd veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt beide cassatieberoepen en bevestigt het oordeel van het Hof over de aftrekbeperking omzetbelasting privégebruik personenauto's.