ECLI:NL:HR:1998:AA2320
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Fleers
- Beukenhorst
- Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aftrekbaarheid kosten bodemsanering bij verkoop onroerende zaak
In deze zaak ging het om een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over het jaar 1994 die was opgelegd aan de erflaatster. De aanslag werd gehandhaafd door de Inspecteur, maar het Gerechtshof Leeuwarden vernietigde deze en stelde de aanslag lager vast. De Staatssecretaris van Financiën stelde beroep in cassatie in tegen deze uitspraak.
De kern van het geschil betrof de aftrekbaarheid van kosten van bodemsanering die in 1994 en 1995 waren gemaakt voor een onroerende zaak die tot 1 september 1994 was verhuurd en daarna werd verkocht. Het Hof oordeelde dat de kosten van bodemsanering in 1994 tot de aftrekbare kosten behoorden omdat zij verband hielden met de inkomsten uit de onroerende zaak.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het middel van de Staatssecretaris dat stelde dat de kosten niet aftrekbaar zouden zijn omdat zij waren gemaakt met het oog op verkoop. De Hoge Raad stelde dat het besluit tot verkoop niet afdoet aan het karakter van de kosten als aftrekbare kosten die zijn gemaakt ter verwerving, inning en behoud van inkomsten, tenzij de zaak uit speculatieve overwegingen ongebruikt en onverhuurd zou worden aangehouden, wat hier niet aan de orde was.
De Hoge Raad wees het beroep af en veroordeelde de Staatssecretaris in de proceskosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het beroep van de Staatssecretaris van Financiën wordt verworpen en de aftrekbaarheid van de kosten bodemsanering bevestigd.