ECLI:NL:HR:1998:AA2313
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Fleers
- Pos
- Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over aftrek buitengewone lasten levensonderhoud zoon
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1994 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd. Hij bracht in zijn aangifte een bedrag van f 5.625,-- als buitengewone lasten in mindering wegens levensonderhoud van zijn zoon, die in dat jaar een rechtenstudie volgde. Het Hof Amsterdam bevestigde de aanslag en oordeelde dat de studiekosten niet als levensonderhoud konden worden aangemerkt omdat niet aannemelijk was dat de studie was aangevangen om de zoon in staat te stellen een redelijk bestaan te voeren.
De Hoge Raad stelt vast dat het Hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de studiekosten niet als levensonderhoud konden worden beschouwd, met name omdat het Hof niet aannemelijk heeft gemaakt dat de studie niet gericht was op verbetering van de maatschappelijke positie van de zoon. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het Hof en verwijst de zaak naar het Hof 's-Gravenhage voor verdere behandeling.
De Staatssecretaris van Financiën wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding en moet het griffierecht vergoeden. De vraag over vergoeding van kosten voor het geding bij het Hof wordt aan het verwijzingshof overgelaten.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het Hof 's-Gravenhage voor herbeoordeling.