ECLI:NL:HR:1997:AA3355
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over belastbaar inkomen en verwijst zaak terug naar hof
Belanghebbende, directeur van een Italiaanse vennootschap, kreeg voor 1990 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op basis van een belastbaar inkomen van f. 776.206,--. Na bezwaar en beroep bij het Hof Arnhem werd de aanslag gehandhaafd. Het Hof oordeelde dat een bedrag van f. 412.146,--, betaald als 'rabat' door een derde partij aan een Zwitserse bank ten gunste van een andere onderneming, door belanghebbende was genoten, omdat hij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat dit bedrag aan de vennootschap toekwam.
De Hoge Raad stelt vast dat het Hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom uit de feiten het vermoeden voortvloeit dat het bedrag door belanghebbende persoonlijk is genoten. De brief waarop het Hof zich baseerde bevatte ook andere contractuele afspraken en de bank had een contactpersoon van de vennootschap geïnformeerd, hetgeen niet is meegewogen. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug naar het Hof te 's-Hertogenbosch voor een volledige herbeoordeling.
Verder wijst de Hoge Raad het middel af dat het Hof ambtshalve het belastingverdrag met Italië had moeten toepassen, omdat die vraag niet aan de orde was in het geding. De Hoge Raad veroordeelt de Staatssecretaris in de proceskosten en gelast vergoeding van het griffierecht aan belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor volledige herbeoordeling.