ECLI:NL:HR:1997:AA3341
Hoge Raad
- Cassatie
- Stoffer
- Zuurmond
- Fleers
- Pos
- Monné
- Rechtspraak.nl
Navordering inkomstenbelasting 1987 wegens toedeling vermogensinkomsten tussen echtgenoten
Belanghebbende en haar echtgenoot waren gehuwd en woonden aanvankelijk in Nederland, maar vestigden zich per 1 juli 1983 in Spanje. Hun Nederlandse inkomsten uit vermogen bestonden uit huurinkomsten van een woning in Nederland. De inspecteur legde aanvankelijk de volledige vermogensinkomsten bij de echtgenoot aan wie de binnenlandse belastingplicht werd toegerekend. Na een eerdere uitspraak dat de echtgenoot vanaf 1 juli 1983 buitenlands belastingplichtige was, werd de belasting over 1987 verdeeld naar rato van het aandeel van ieder.
De belanghebbende kreeg vervolgens een navorderingsaanslag opgelegd voor haar aandeel in de vermogensinkomsten over 1987. Zij stelde dat navordering niet was toegestaan op grond van artikel 16 AWR Pro, dat de inspecteur niet bevoegd was en dat de navordering in strijd was met het vertrouwensbeginsel. Het hof handhaafde de aanslag primair op grond van artikel 16, lid 2 AWR.
In cassatie betoogde belanghebbende dat artikel 16, lid 2, onder b AWR slechts herstel van toedelingsfouten toestaat, terwijl hier sprake was van een andere visie op de belastingplicht. De Hoge Raad oordeelde dat de bepaling neutraal is geformuleerd en ook andere gevallen omvat waarin een bestanddeel ten onrechte bij de andere echtgenoot is betrokken. De klachten faalden en het beroep werd verworpen.
De Hoge Raad achtte geen gronden aanwezig voor proceskostenveroordeling en bevestigde de navorderingsaanslag. Dit arrest is op 24 december 1997 uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt verworpen en de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1987 wordt gehandhaafd.