ECLI:NL:HR:1997:AA3293
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Fleers
- Pos
- Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen aftrek voor terugbetaling verkapte winstuitdeling aan aandeelhouder
Belanghebbende, directeur en enig aandeelhouder van een BV, had in de jaren 1980-1982 geld geleend tegen een te lage rente, wat door de inspecteur als verkapte winstuitdeling werd aangemerkt. De BV accepteerde correcties voor de vennootschapsbelasting en debiteerde belanghebbendes rekening-courant met het bedrag van ƒ 71.012,--.
Belanghebbende stelde dat hij verplicht was dit bedrag terug te betalen en dat deze terugbetaling als negatieve inkomsten uit vermogen aftrekbaar moest zijn in de inkomstenbelasting over 1989. Het Hof oordeelde dat geen wettelijke verplichting tot terugbetaling bestond, mede omdat de beschermingsregels van art. 2:217 en Pro 2:216 BW niet leiden tot nietigheid van dergelijke verkapte winstuitdelingen, en dat de terugbetaling daarom niet tot aftrek kon leiden.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep af. Ook het betoog dat de algemene vergadering van aandeelhouders met terugwerkende kracht de bevoordelingen had omgezet in dividend faalt, omdat dit feitelijk punt niet in cassatie kan worden onderzocht. De Hoge Raad overweegt verder uitgebreid de juridische context van winstuitdelingen, kapitaalbescherming en bevoordelingen van aandeelhouders, en benadrukt dat dergelijke verkapte bevoordelingen niet onder de wettelijke regels voor winstuitkeringen vallen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; terugbetaling van verkapte winstuitdelingen is niet aftrekbaar als negatieve inkomsten uit vermogen.