ECLI:NL:HR:1997:AA3284
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt waardering onroerende zaak bij onrendabele exploitatie golfbaan
De gemeente Lelystad legde voor het jaar 1993 aanslagen onroerende-zaakbelasting op aan X B.V. voor een golfbaan met een heffingsgrondslag van ƒ 1.526.000,--. Na bezwaar handhaafde het gemeentelijke Hoofd van de afdeling financiën deze aanslagen, maar belanghebbende ging in beroep bij het Hof Arnhem. Het Hof vernietigde de aanslagen en stelde de heffingsgrondslag vast op ƒ 940.000,--, gebaseerd op de bedrijfswaarde van de golfbaan, die lager werd geacht dan de oorspronkelijke waarde.
De gemeente stelde cassatieberoep in tegen dit arrest. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht de bedrijfswaarde heeft vastgesteld op de waarde die de onroerende zaak voor de eigenaar heeft, waarbij rekening is gehouden met het feit dat de golfbaan in de bestaande opzet niet rendabel was. Het middel dat alleen naar winstverwachtingen in de bedrijfstak gekeken moet worden, werd verworpen.
Ook het bezwaar dat het Hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het geen rekening hield met alternatieve aanwendingsmogelijkheden van opstallen werd verworpen. Het Hof had immers geoordeeld dat bij liquidatie van de golfbaan de verkoopwaarde van de grond leidend was en dat de opstallen geen afzonderlijke waarde zouden hebben.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en legde geen proceskostenveroordeling op. Hiermee bleef de lagere waarde van de aanslagen onroerende-zaakbelasting in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de lagere waardering van de golfbaan voor de onroerende-zaakbelasting.