ECLI:NL:HR:1997:AA2229
Hoge Raad
- Cassatie
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Meij
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep inzake niet-betaling griffierecht bij naheffingsaanslag omzetbelasting
Belanghebbende, handelend onder de naam A, werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag omzetbelasting over de periode 1989 tot en met 1992. Na bezwaar en beroep bij het Hof Arnhem werd belanghebbende wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep. Het Hof verwierp het verzet tegen deze niet-ontvankelijkverklaring.
Belanghebbende stelde in cassatie dat de betaling van het griffierecht te laat was bijgeschreven doordat hij een verkeerd gironummer had ingevoerd via girotel, maar het Hof oordeelde dat dit aan belanghebbende zelf te wijten was omdat hij niet het toegezonden acceptgiroformulier had gebruikt. De Hoge Raad bevestigde deze beoordeling en oordeelde dat het griffierecht niet binnen de wettelijke termijn was betaald.
De Hoge Raad zag geen gronden om het cassatieberoep toe te wijzen en wees het beroep af. Tevens werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd. Het arrest werd op 22 augustus 1997 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Van der Putt-Lauwers, Van Brunschot en Meij.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.