ECLI:NL:HR:1997:AA2101
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Fleers
- Pos
- Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldigheid compromis bij aanslag inkomstenbelasting 1988
Belanghebbende, samen met zijn echtgenote directeur en aandeelhouder van een B.V., had een hoge rekening-courantschuld aan de vennootschap die in 1987 onderwerp was van een boekenonderzoek. Tijdens een bespreking in mei 1988 met inspecteurs werd een compromis gesloten over de aflossing van deze schuld, waarbij een deel als uitdeling van winst zou worden aangemerkt indien de schuld eind 1988 hoger was dan afgesproken.
De Inspecteur stelde vervolgens de aanslag inkomstenbelasting over 1988 vast waarbij het meerdere bedrag als inkomsten uit vermogen werd belast. Belanghebbende betwistte de aanslag en voerde onder meer aan dat de hoofdcontroleur niet bevoegd was om het compromis te sluiten voor inkomstenbelastingzaken.
Het hof oordeelde dat de hoofdcontroleur wel bevoegd was, mede omdat een adjunct-inspecteur der directe belastingen aanwezig was en het compromis bij de aanslagregeling werd uitgevoerd. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst ook het verweer af dat belanghebbende onder dwang zou hebben ingestemd.
De Hoge Raad acht geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en verwerpt het beroep in cassatie, waarmee het hofarrest in stand blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hofarrest bevestigd.