ECLI:NL:HR:1996:AA2040

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 oktober 1996
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
31709
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • Van der Linde
  • De Moor
  • Van der Putt-Lauwers
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5a Wet administratieve rechtspraak belastingzakenWet op de omzetbelasting 1968
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt uitsluiting verhuur fietsen van kampeer- en logiesdiensten omzetbelasting

Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de periode 1989-1992. Na bezwaar en beroep bij het Gerechtshof Arnhem werd de aanslag gehandhaafd. De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep tegen deze uitspraak.

Het geschil betrof de vraag of de verhuur van fietsen valt onder de kampeer- en logiesdiensten zoals genoemd in de Wet op de omzetbelasting 1968, posten b.10 en b.11. Het Hof oordeelde dat verhuur van fietsen niet onder deze posten valt en dat deze verhuur niet gelijkgesteld kan worden met de verhuur van linnengoed en ligstoelen die direct betrekking hebben op verblijfsaccommodaties.

De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd op 9 oktober 1996 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Van der Linde, De Moor en Van der Putt-Lauwers.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het oordeel dat verhuur van fietsen niet onder kampeer- en logiesdiensten valt, wordt bevestigd.

Uitspraak

gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 22 november 1995 betreffende na te melden naheffingsaanslag in de omzetbelasting.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof Aan belanghebbende is over het tijdvak 1 januari 1989 tot en met 31 december 1992 een naheffingsaanslag in de omzetbelasting opgelegd ten bedrage van ƒ 3.052,--, zonder verhoging, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd. Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het Hof, dat deze uitspraak heeft bevestigd. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een klacht aangevoerd. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Staatssecretaris van Financiën heeft bij vertoogschrift het cassatieberoep bestreden. 3. Beoordeling van de klacht Het Hof heeft geoordeeld dat naar het spraakgebruik het gelegenheid geven tot kamperen en het verstrekken van logies als bedoeld in onderscheidenlijk de posten b.10 en b.11 van de bij de Wet op de omzetbelasting 1968 behorende tabel I niet de verhuur van fietsen omvat, en dat voorts de verhuur van fietsen niet op één lijn kan worden gesteld met de in de toelichting op genoemde post b.11 vermelde verhuur van linnengoed, extra dekens en ligstoelen, omdat laatstbedoelde verhuur op de verblijfsaccommodatie zelf betrekking heeft. Deze oordelen zijn juist. De klacht, die zich tegen deze oordelen richt, kan derhalve niet tot cassatie leiden.
4. Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
5. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is op 9 oktober 1996 vastgesteld door de raadsheer Van der Linde als voorzitter en de raadsheren De Moor en Van der Putt-Lauwers, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier Van Hooff, en op die datum in het openbaar uitgesproken.