ECLI:NL:HR:1996:AA1851
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid vermindering belasting personenauto's en motorrijwielen
X B.V. heeft bezwaar gemaakt tegen de door haar betaalde belasting van personenauto's en motorrijwielen over april 1993, specifiek tegen de toepassing van een wettelijke vermindering van 1% per maand voor gebruikte auto's. Het Gerechtshof Arnhem bevestigde de weigering van de Inspecteur tot teruggaaf van een deel van de belasting.
In cassatie stelde X B.V. dat de wettelijke vermindering van 1% per maand niet overeenkomt met de werkelijke waardedaling van jonge gebruikte auto's, die volgens haar aanzienlijk hoger is, en dat dit leidt tot een discriminatie in strijd met artikel 95 van Pro het EEG-Verdrag. Zij verwees naar jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen ter onderbouwing.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof Arnhem voldoende heeft vastgesteld dat de waardedaling niet meer dan 1% per maand bedraagt en dat de vergelijking van belastingheffing correct is gemaakt met betrekking tot de consumentenprijs. De stelling van X B.V. dat de waardedaling veel hoger is, werd onvoldoende onderbouwd met relevante gegevens. Het cassatieberoep werd daarom verworpen.
De Hoge Raad zag geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten en stelde het arrest op 13 maart 1996 in het openbaar vast.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de rechtmatigheid van de wettelijke vermindering van 1% per maand voor gebruikte personenauto's in de bpm-heffing.