ECLI:NL:HR:1995:AA3102
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Herrmann
- raadsheer Fleers
- Rechtspraak.nl
Onredelijke en willekeurige belastingheffing rioolafvoerrecht gemeente Tilburg
Belanghebbende was gebruiker van een perceel in Tilburg en kreeg een aanslag rioolafvoerrecht opgelegd voor 381 m3 afvalwater. De gemeente Tilburg hief het recht slechts bij 819 gebruikers, terwijl 67.728 gebruikers feitelijk werden vrijgesteld ondanks dat zij ten minste de helft van het afvalwater afvoerden.
Het hof stelde vast dat de verordening het recht forfaitair koppelt aan de hoeveelheid afvalwater, maar dat de vrijstelling van het merendeel van de gebruikers leidt tot een disproportionele en willekeurige belastingheffing. Dit is in strijd met het gelijkheidsbeginsel zoals neergelegd in artikel 1 van Pro de Grondwet.
De Hoge Raad bevestigde dat de ongelijke behandeling niet gerechtvaardigd is en dat de verordening daarom onverbindend is. De rechter hoefde niet te toetsen hoe het aansluitrecht samenhangt met het afvoerrecht, omdat het om afzonderlijke heffingen gaat. Het beroep van de gemeente werd verworpen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van de gemeente Tilburg wordt verworpen wegens onredelijke en willekeurige belastingheffing.