ECLI:NL:HR:1995:AA3056
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- C.H.M. Jansen
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslag vennootschapsbelasting en investeringsbijdrage softwarelicentie
Belanghebbende, een besloten vennootschap actief in de vervaardiging en verkoop van aromatische stoffen, werd voor het jaar 1985 aangeslagen in de vennootschapsbelasting. De aanslag werd verminderd met investeringsbijdragen en vermeerderd met desinvesteringsbetalingen. Later werd een navorderingsaanslag opgelegd waarbij de investeringsbijdrage werd verminderd, omdat de inspecteur van mening was dat geen sprake was van een investering in bedrijfsmiddelen.
Belanghebbende had van A B.V. een niet-exclusief gebruiksrecht verkregen op software, waarvoor een eenmalige betaling en jaarlijkse vergoeding werden gedaan. Het hof oordeelde dat vanwege de niet-exclusiviteit en de beperkte duur van het gebruiksrecht de betaling niet als investering in een bedrijfsmiddel kon worden aangemerkt.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en stelde dat zowel de jaarlijkse betalingen als de eenmalige vergoeding moeten worden gezien als betalingen voor het genot van de programmatuur en niet als aanschaffingskosten van een bedrijfsmiddel. Hierdoor was de navorderingsaanslag terecht opgelegd. De Hoge Raad wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de eenmalige betaling voor het niet-exclusieve gebruiksrecht op software geen investering in een bedrijfsmiddel vormt.