ECLI:NL:HR:1995:AA1660
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Wildeboer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Herrmann
- raadsheer Fleers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over aftrek inentingskosten bij inkomstenbelasting 1991
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1991 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd naar een belastbaar inkomen van ƒ 25.950,--. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag, maar ambtshalve werd deze later verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 25.227,--. Het Hof Arnhem vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en handhaafde de aanslag verminderd tot dit bedrag.
In cassatie stelde belanghebbende dat de kosten van inenting tegen cholera, ter hoogte van ƒ 307,--, ten onrechte niet als ziektekosten waren erkend. Het Hof had geoordeeld dat deze kosten niet aftrekbaar waren omdat zij tot ziektepreventie dienden en niet tot genezing. De Hoge Raad oordeelde dat inentingskosten, ook al zijn zij preventief, wel degelijk onder de uitgaven voor geneeskundige hulp vallen zoals bedoeld in artikel 46, lid 3, Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Verder faalden de overige klachten van belanghebbende, waaronder een procesrechtelijke klacht over het niet toezenden van een schriftelijke uitwerking van een ambtshalve vermindering door de Inspecteur. De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof en de uitspraak van de Inspecteur en stelde de aanslag vast op een belastbaar inkomen van ƒ 24.920,--. Tevens werd belanghebbende in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over een mogelijke proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van ƒ 24.920,-- inclusief aftrek van inentingskosten.