ECLI:NL:HR:1995:AA1609
Hoge Raad
- Cassatie
- Bellaart
- De Moor
- C.H.M. Jansen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid bij ontbreken machtiging in belastingzaak
X maakte bezwaar tegen een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd aan B N.V. te Aruba en verzocht om machtiging om het bezwaarschrift in te dienen namens de vennootschap. De Inspecteur wees dit verzoek af omdat tegen dezelfde aanslag reeds een beroepsprocedure liep. Het hof verklaarde het beroep van X niet-ontvankelijk omdat hij geen machtiging kon overleggen en niet gemachtigd was namens A op te treden.
X stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak, maar de Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht het beroep niet-ontvankelijk had verklaard. De klachten van X konden niet tot cassatie leiden omdat het ontbreken van machtiging een zelfstandige grond was voor niet-ontvankelijkheid.
De Hoge Raad wees ook af om proceskosten toe te wijzen aan partijen. Het arrest werd op 21 juni 1995 vastgesteld en in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Bellaart, De Moor en Jansen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van X wordt verworpen wegens ontbreken van machtiging en niet-ontvankelijkheid.