ECLI:NL:HR:1994:AA3086
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Wildeboer
- Urlings
- Herrmann
- Fleers
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep inzake aanslag inkomstenbelasting 1988
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1988 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op een belastbaar inkomen van ƒ 31.164,--. Na bezwaar werd de aanslag gehandhaafd door de Inspecteur. Belanghebbende ging in beroep bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage, dat de uitspraak van de Inspecteur bevestigde.
Tegen deze uitspraak stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad en diende enkele cassatiemiddelen in. De Staatssecretaris van Financiën reageerde met een verweerschrift. De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat er geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
Verder vond de Hoge Raad geen gronden voor het opleggen van proceskosten aan partijen. Het beroep werd verworpen, waarmee de uitspraak van het Hof in stand bleef.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het Hof wordt bevestigd.