Uitspraak
26 juni 1987.
Hoge Raad
In deze zaak ging het om de verkoop van aandelen waarbij kopers een waarborgsom van 10% van de koopsom aan de notaris hadden gestort. De notaris betaalde dit bedrag zonder voorafgaande kennisgeving terug aan de kopers, terwijl de verkoper hierdoor haar verhaalrecht verloor. De kopers gingen later failliet, waardoor de verkoper geen betaling kon ontvangen.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de notaris onrechtmatig had gehandeld jegens de verkoper door het bedrag terug te betalen zonder haar te informeren. Dit handelen werd in strijd geacht met de zorgvuldigheid die van een notaris mag worden verwacht, ook al was de verkoper niet zijn opdrachtgever.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep van de notaris. Het hof had terecht geoordeeld dat de notaris door zijn handelen schade had veroorzaakt en dat de verkoper daardoor haar verhaalsmogelijkheden verloor. De Hoge Raad vond dat het hof de zaak voldoende had gemotiveerd en dat de grieven van de notaris niet slaagden.
De notaris werd veroordeeld tot betaling van de waarborgsom aan de verkoper, met een voorbehoud dat betaling alleen verschuldigd is indien de kopers daadwerkelijk tot betaling gehouden worden. De Hoge Raad veroordeelde de notaris ook in de proceskosten.
Uitkomst: De notaris is aansprakelijk voor de schade door onrechtmatige terugbetaling van de waarborgsom zonder voorafgaande kennisgeving aan de verkoper.