ECLI:NL:HR:1975:AC1932
Hoge Raad
- Cassatie
- Wiarda
- Ras
- Minkenhof
- Drion
- Koster
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bestuurder voor letselschade inzittende bij verkeersongeval binnen gezinsverband
In deze zaak stond de aansprakelijkheid van een bestuurder centraal die betrokken was bij een verkeersongeval waarbij haar moeder, als inzittende, letsel opliep. De moeder en een andere inzittende waren gewond geraakt door een verkeersfout van de bestuurder. De vraag was of de bestuurder aansprakelijk kon worden gesteld voor de schade aan haar moeder, gezien hun gezinsverband en de kosteloze aard van het vervoer.
De rechtbank had geoordeeld dat de bestuurder aansprakelijk was, ook voor de schade van haar moeder, en dat de bijzondere gezinsomstandigheden en kosteloze dienstverlening geen vrijstelling van aansprakelijkheid boden. Dit oordeel werd door het gerechtshof bekrachtigd. De eiseressen stelden in cassatie dat in dergelijke gevallen geen aansprakelijkheid zou moeten gelden, omdat het gezinsverband en de kosteloze dienstverlening dit uitsluiten.
De Hoge Raad verwierp dit verweer. Volgens de Hoge Raad geldt de aansprakelijkheid op grond van artikel 1401 BW Pro ook binnen het gezinsverband en bij kosteloze dienstverlening. De bijzondere omstandigheden kunnen alleen van belang zijn bij de vaststelling van de omvang van de schadevergoeding, met name indien de aansprakelijkheid door verzekering wordt gedekt. In dit geval was dat het geval, waardoor geen matiging van aansprakelijkheid gerechtvaardigd was.
De Hoge Raad bevestigde daarmee de aansprakelijkheid van de bestuurder voor de letselschade van haar moeder en verwierp het cassatieberoep. Tevens werd de eiseressen veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De bestuurder is aansprakelijk voor de letselschade van haar moeder als inzittende, ook binnen het gezinsverband en bij kosteloze dienstverlening.