ECLI:NL:GHSHE:2026:793
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen verlenging voorlopige hechtenis wegens amfetaminehandel
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft op 29 januari 2026 het hoger beroep van verdachte tegen de verlenging van zijn voorlopige hechtenis verworpen. Verdachte wordt verdacht van medeplegen van de voorbereiding en bevordering van de handel in amfetamine en amfetamineolie, alsmede het opzettelijk aanwezig hebben van circa 53,3 liter amfetamineolie.
Het hof concludeert dat het dossier ernstige bezwaren bevat, mede ondersteund door een deels bekennende proceshouding van verdachte en de processtukken. De verklaring van verdachte dat hij slechts een beperkte rol als klusjesman had, verandert dit oordeel niet. Er is sprake van acuut gevaar voor herhaling, mede vanwege de aard van de betrokkenheid bij een crimineel netwerk en eerdere veroordelingen voor soortgelijke feiten.
Het hof overweegt dat amfetamine een zeer schadelijk middel is en dat de handel daarin een grote bedreiging vormt voor de volksgezondheid en veiligheid. Verdachte maakt waarschijnlijk deel uit van een gesloten crimineel milieu, waaruit ontsnappen moeilijk is. Gezien deze omstandigheden acht het hof het risico op recidive substantieel.
Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis is eveneens afgewezen. Hoewel verdachte aangeeft financiële problemen en een medisch onderzoek te willen laten verrichten, ziet het hof geen voorwaarden die het gevaar voor herhaling voldoende kunnen beperken. Het belang van de samenleving bij het voorkomen van nieuwe strafbare feiten weegt zwaarder dan het belang van verdachte om in vrijheid te worden berecht.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de verlenging van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt eveneens afgewezen.