Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
’s-Hertogenbosch
[verdachte] ,
overtreding van artikel 110 van Pro de Wegenverkeerswet 1994.
BESLISSING
geldboetevan
€ 125,00 (honderdvijfentwintig euro).
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De verdachte werd door de kantonrechter veroordeeld voor het besturen van een bromfiets terwijl hij de minimumleeftijd van 16 jaar nog niet had bereikt. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in. Het hof constateerde dat de zaak in eerste aanleg ten onrechte openbaar was behandeld, terwijl de wet voorschrijft dat zaken tegen minderjarigen achter gesloten deuren moeten plaatsvinden. Omdat de verdachte niet in zijn verdediging was geschaad, werd het vonnis vernietigd zonder verdere rechtsgevolgen.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte op 28 september 2024 te Best een tweewielige bromfiets bestuurde zonder de vereiste leeftijd en dat het geen aangewezen bromfiets betrof. De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
Bij de strafoplegging hield het hof rekening met het eerdere justitiële verleden van de verdachte, zijn persoonlijke omstandigheden, en de draagkracht. Gezien de ernst van het feit en de omstandigheden legde het hof een geldboete van €125 op, waarbij rekening werd gehouden met het belang van de verdachte bij het verkrijgen van een Verklaring Omtrent Gedrag voor zijn opleiding en werk.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geldboete van €125 wegens onbevoegd besturen van een bromfiets onder de minimumleeftijd.