Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter waarin verdachte was veroordeeld voor witwassen van een Mercedes Benz A45 AMG. De politierechter had verdachte veroordeeld tot een taakstraf en verbeurdverklaring van de auto. Het hof vernietigde dit vonnis en sprak verdachte vrij.
De tenlastelegging betrof het bezit en gebruik van een personenauto waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze uit enig misdrijf afkomstig was. Het openbaar ministerie baseerde het witwasvermoeden op het geringe inkomen van verdachte, de contante betalingen voor de auto en het ontbreken van een concrete legale herkomst van de gelden.
Verdachte gaf een concrete en min of meer verifieerbare verklaring over de herkomst van het geld, gesteund door getuigenverklaringen van zijn moeder en bankafschriften. Het hof oordeelde dat het openbaar ministerie onvoldoende onderzoek had verricht naar deze alternatieve herkomst, terwijl dit wel op haar weg lag.
Daarom kon niet wettig en overtuigend worden bewezen dat de auto uit een misdrijf afkomstig was. Het hof gelastte de teruggave van de inbeslaggenomen auto aan verdachte en sprak hem vrij van het tenlastegelegde witwassen.