ECLI:NL:GHSHE:2026:1518
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep opzettelijk aanwezig hebben van GHB zonder strafoplegging
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in Breda, waarin verdachte was veroordeeld tot een gevangenisstraf van 31 dagen, waarvan 30 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, wegens opzettelijk handelen in strijd met artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet.
Het hof bevestigde de schuldverklaring, maar vernietigde de opgelegde straf en besloot opnieuw recht te doen. Gelet op de aard en ernst van het bewezenverklaarde, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder het ontbreken van eerdere onherroepelijke veroordelingen voor soortgelijke feiten, en de recente ontwikkelingen zoals opname in een zorginstelling en het staken van middelengebruik, vond het hof dat strafoplegging geen redelijk doel meer dient.
Het hof gaf toepassing aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht (rechterlijk pardon) en legde geen straf of maatregel op. De eerdere straf werd daarmee vernietigd, en het vonnis werd voor het overige bevestigd.
Uitkomst: Verdachte schuldig verklaard maar geen straf of maatregel opgelegd vanwege toepassing van rechterlijk pardon.