Uitspraak
5.Het vervolg van de procedure in hoger beroep
- het tussenarrest van 15 april 2025;
- de door [appellant] genomen akte na tussenarrest.
6.De verdere beoordeling in hoger beroep
- de noodzaak van [appellant] om snel zelf over de woning te kunnen beschikken (blz. 1);
- de omstandigheid dat [geïntimeerde] inmiddels op een ander adres staat ingeschreven, maar dat zijn spullen nog in de gehuurde kamer staan (blz. 2);
- een defecte wasmachine (blz. 2);
- de bereidheid van [geïntimeerde] om uit de kamer te vertrekken als hij een verhuiskostenver-goeding van € 700,-- krijgt in verband met de kosten van de huur van een verhuisbus en voor het opnemen van verlof (blz. 3);
- de door partijen gemaakte afspraak dat [appellant] (naar het hof begrijpt: rekening houdende met de door [geïntimeerde] betaalde borg van € 350,--) nog € 700,-- aan [geïntimeerde] zal betalen en dat [geïntimeerde] de kamer dan tegen 1 februari 2021 zal ontruimen (blz. 3).
- de tekst van de aantekeningen van de griffier;
- de tekst van de op 8 januari 2021 gesloten vaststellingsovereenkomst.
- het bij e-mail 16 februari 2022 door [appellant] gedane voorstel om € 900,-- aan [geïntimeerde] te betalen;
- het bij e-mail 22 februari 2022 door [appellant] gedane voorstel om € 1.100,-- aan [geïntimeerde] te betalen tegen finale kwijting;
- het bij e-mail van 1 maart 2022 door [appellant] gedane voorstel om € 1.750,-- aan [geïntimeerde] te betalen tegen finale kwijting.
- Griffierechten € 343,--
- Salaris advocaat € 858,-- (1 punt x tarief I)
- Nakosten € 178,-- (plus de verhoging zoals vermeld in de