Uitspraak
- [eigenaar 1] en [eigenaar 2] ;
- [eigenaar 3] ;
- [eigenaar 4] en [eigenaar 5] ;
- [eigenaar 6] ;
- [eigenaar 7] ;
- [eigenaar 8] en [eigenaar 9] ;
- [eigenaar 10] ;
- [eigenaar 11] en [eigenaar 12] ;
- [eigenaar 13] ;
- [eigenaar 14] en [eigenaar 15] .
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- een V1-formulier met het beroepschrift met twee producties, ingekomen ter griffie op 8 juni 2023;
- het procesdossier van de eerste aanleg met producties, ingekomen ter griffie op 9 juni 2023;
- een e-mailbericht met begeleidende brief van de VvE met drie producties, eerste exemplaar ingekomen ter griffie op 27 juni 2023;
- het verweerschrift tevens voorwaardelijk incidenteel hoger beroep met producties 1 tot en met 6, ingekomen ter griffie op 13 september 2023;
- het verweerschrift in (voorwaardelijk) incidenteel hoger beroep, ingekomen ter griffie op 25 september 2023;
- de spreekaantekeningen van de zijde van de VvE;
- de spreekaantekeningen van de zijde van [verweerster] ;
- het ter zitting door [verweerster] overgelegde stuk, te weten: een luchtfoto van het appartementencomplex.
3.De beoordeling
‘splitsing in appartementsrechten van 2 januari 1992’van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie van toepassing. In de splitsingsakte is op blad 2 e.v. onder meer het volgende opgenomen:
“Vervolgens verklaarde de comparanten het Gebouw te splitsen in de navolgende appartementsrechten: (…) 9. Het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de woning (bouwnummer A6) met aanbehoren op de eerste verdieping op de hoek [adres 1] alsmede een privéterras in de hof, kadastraal bekend [kadastraal nummer 1] onverdeeld aandeel in de gemeenschap bestaande uit het Gebouw.”. De bijbehorende splitsingstekening komt niet overeen met de feitelijke situatie, zijnde gemeenschappelijk gebruik van de binnentuin.
“Ingekomen stukken en mededelingen.- Door het gemeenschappelijk maken van de binnentuin (…) dient er een wijziging aangebracht te worden op de splitsingstekening.”. Voornoemde Stichting droeg destijds de verantwoordelijkheid voor de aanpassing van de oorspronkelijke splitsingsakte naar de werkelijke situatie bij oplevering. Dat is nooit gebeurd. Vanaf de oplevering, dus al ruim twintig jaar, is de tuin, voor zover niet bestaande uit de privéterrassen van de benedenwoningen en het afgescheiden gedeelte van [eigenaar 11] , als gemeenschappelijke binnentuin gebruikt. Dit is ook als zodanig opgenomen in de diverse notulen van de ALV van de VvE. De binnentuin is tot op heden op kosten van de VvE onderhouden.
“artikel 1. Verkoop en koop.Verkoper verkoopt aan koper, die van verkoper koopt het appartementsrecht waaronder wordt begrepen 1. het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de woning (bouwnummer A6) met aanbehoren op de eerste verdieping in het stadshuis op de hoek [adres 1] , alsmede een terras in de hof, kadastraal bekend [kadastraal nummer 1] ;”.
“ERFDIENSTBAARHEDEN EN BIJZONDERE VERPLICHTINGEN”(blad 4 en 9) onder meer het volgende vermeld:
“(…) Ten aanzien van erfdienstbaarheden, kwalitatieve verplichtingen, kettingbedingen en/of andere bijzondere verplichtingen met betrekking tot het verkochte wordt verwezen naar de hiervoor onder ‘Beschikkingsbevoegdheid verkoper’ vermelde akte van levering. In die akte is onder meer woordelijk vermeld: (…) Koper verklaart ermee bekend te zijn dat verkoper voornemens is om, in overleg met alle huidige appartementseigenaren van het complex, de akte van splitsing te wijzigen, in dier voege dat de thans tot de appartementsrechten met de kadastrale (index-) nummers [kadastraal nummer 2] , [kadastraal nummer 1] , [kadastraal nummer 3] , [kadastraal nummer 4] en [kadastraal nummer 5] behorende privé-terrassen in de hof niet langer tot (de privégedeelten van) deze appartementsrechten zullen behoren en tot gemeenschappelijke ruimte (gemeenschappelijke tuin) zullen worden bestemd. (…)”.
“OMSCHRIJVING REGISTERGOEDEREN a.het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de woning op de eerste verdieping in het stadshuis, alsmede een privéterras in de hof, gelegen te [adres 2] , kadastraal bekend [kadastraal nummer 1] ,(…)”.
“(…) Op grond van de Splitsingsakte is de tuin gemeenschappelijk bezit. (…)”.
“Position Paper terrassen appartement houders”met als onderschrift: ‘
F.W. 8/4/2016’ is onder meer het volgende opgenomen:
“(…) Als iemand een bepaald terras in gebruik heeft, kan hij daar geen rechten aan ontlenen, en wel in die zin dat hij bij verkoop het recht van het gebruik van dat terras in welke vorm dan ook kan toezeggen of overdragen aan de koper van zijn pand. (…)”.
“05a. besluit 1: Wijziging splitsingsakte conform ontwerp 22.02.2022”, waarbij onder andere
“(…) - de tot het privé gedeelte van de appartementsrechten [kadastraal nummer 2] , [kadastraal nummer 1] , [kadastraal nummer 3] , [kadastraal nummer 4] en [kadastraal nummer 5] behorende privé terrassen in de (binnen)hof, overeenkomstig de oorspronkelijke situatie, worden toegevoegd aan de tot de gemeenschap behorende tuin in de binnenhof; (…)”. Alleen [verweerster] (appartementsrecht [kadastraal nummer 1] ) heeft tegen het voorstel tot wijziging van de akte van splitsing gestemd. Ook heeft de ALV gestemd over de machtiging van het bestuur van de VvE tot het, namens hen, instellen van een procedure ex artikel 5:140 lid 2 BW Pro om te komen tot een vervangende machtiging door de kantonrechter (
05b. besluit 2: Instellen van een rechtsvordering om te komen tot vervangende machtiging). Dit in verband met een wijziging van de splitsingsakte en de splitsingstekening en de ‘tegenstem’ van [verweerster] .
“03. Goedkeuring notulen ledenvergadering dd. 17 maart 2022.”onder meer het volgende.
“ [verweerster](hof lees: [verweerster] )
maakt bezwaar op punt 03 dat er in haar ogen wel overleg is geweest, en wel in juni 2020. Er staat genotuleerd ‘nooit’.”en
“Punt 05, alinea beginnend met ‘ [verweerster] geeft aan …. Wijziging.’ Dit is volgens [verweerster] nooit zo gezegd. Zij is hiermee niet akkoord. Vergadering is van mening dat het wél zo gezegd is.”In de notulen staat onder punt
“05. Verslag stand van zaken wijziging splitsingsakte.”onder meer het volgende:
“In het overleg heeft men gesproken of het wel of niet in hoger beroep gaan tegen de uitspraken. M.b.t. uitspraak één(hof lees: 200.328.160)
was het niet nodig om hierover te stemmen, aangezien toestemming om in hoger beroep te gaan al besloten was in het besluit van vorig jaar. M.b.t. uitspraak twee(hof lees: 200.328.159)
had er wel gestemd moeten worden, wat helaas niet is gebeurd. Dit kan alsnog achteraf worden bekrachtigd. (…) De Vergadering gaat akkoord met het instellen van in hoger beroep, in deze twee zaken, enkel [verweerster] stemt tegen.”. Ten behoeve van het overleg over dit punt is de vergadering geschorst en heeft [verweerster] de zaal verlaten.
“05. Verslag stand van zaken wijziging splitsingsakte.”te verstaan is gegeven dat zij niet welkom was en dat zij diende te vertrekken. [verweerster] stelt dat zij zich onder druk gezet voelde en is vertrokken. Deze handelwijze is volgens [verweerster] in strijd met de wet en het modelreglement, waardoor het genomen besluit van de ALV met betrekking tot het verkrijgen van toestemming tot het voeren van twee hoger beroepsprocedures nietig is.
“05b. besluit 2: Instellen van een rechtsvordering om te komen tot vervangende machtigingOver te gaan tot het instellen van een rechtsvordering tegen appartements-eigenaren die zich bij de stemming over besluit 1 niet verklaren, of zonder redelijke grond weigeren hun medewerking of toestemming te verlenen aan besluit 1, om te komen tot vervangende machtiging van de kantonrechter; met machtiging (ex artikel 41 lid 4 Modelreglement Pro 1992) aan het bestuur om namens en op verzoek van de appartementseigenaars (…) alle (rechts)handelingen te verrichten die nuttig en nodig zijn ter uitvoering van dit besluit. (…) Het besluit 2 is rechtsgeldig genomen; de vervangende machtiging kan worden gevraagd.”.
“05. Verslag stand van zaken wijziging splitsingsakte.”onder meer het volgende:
“De Vergadering gaat akkoord met het het instellen van in hoger beroep, in deze twee zaken, enkel [verweerster] stemt tegen.”.