In deze civiele procedure in hoger beroep tussen een Vereniging van Eigenaars (VvE) en een eigenaar heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch de beschikking van de kantonrechter Limburg bekrachtigd. De VvE had de vernietiging van deze beschikking verzocht, mede afhankelijk gesteld van de uitkomst van een parallelle procedure met zaaknummer 200.328.160.
De VvE stelde dat indien in de parallelle procedure de vervangende machtiging zou worden toegewezen, ook de bestreden beschikking in deze zaak niet in stand kon blijven. De verweerster voerde gemotiveerd verweer en verzocht het hof de VvE niet-ontvankelijk te verklaren of haar vorderingen te verwerpen.
Het hof oordeelde dat de voorwaarde waaronder de VvE vernietiging van de beschikking zou kunnen verkrijgen niet is ingetreden, omdat in de parallelle procedure de bestreden beschikking juist is bekrachtigd. De VvE heeft geen verdere gronden aangevoerd. Daarom wordt de VvE in het ongelijk gesteld en wordt de beschikking van de kantonrechter bekrachtigd.
Het hof veroordeelde de VvE in de proceskosten van het hoger beroep, bestaande uit griffierecht en salaris gemachtigde, en verklaarde deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.