ECLI:NL:GHSHE:2024:3676
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ondertoezichtstelling minderjarige wegens ernstige ontwikkelingsbedreiging
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant die haar minderjarige dochter onder toezicht van een gecertificeerde instelling (GI) stelde voor de duur van een jaar. De moeder betwist dat de ontwikkeling van de minderjarige ernstig wordt bedreigd en stelt dat zij opgroeit in een stabiel en veilig klimaat. Ook voert zij aan dat vrijwillige hulpverlening nog kans van slagen heeft en dat een ondertoezichtstelling niet noodzakelijk is.
De raad voor de Kinderbescherming en de GI stellen dat de minderjarige ernstig in haar ontwikkeling wordt bedreigd door het langdurig contactverlies met de vader en het ontbreken van emotionele toestemming voor contactherstel. Het vrijwillige hulpverleningstraject bij een instantie is voortijdig door de moeder beëindigd, waardoor het gedwongen kader noodzakelijk is om de vereiste hulpverlening te waarborgen.
Het hof overweegt dat de wettelijke vereisten voor ondertoezichtstelling zijn vervuld. Ondanks het feit dat de minderjarige het goed doet op school, is er geen verandering in de situatie en is er onvoldoende vertrouwen dat de ouders zonder gedwongen kader de noodzakelijke hulpverlening zullen realiseren. Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en bevestigt de ondertoezichtstelling voor de duur van een jaar.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ondertoezichtstelling van de minderjarige voor de duur van een jaar.