Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHSHE:2024:3626

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
19 november 2024
Publicatiedatum
19 november 2024
Zaaknummer
200.345.079_01
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 62b Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing hoger beroepszaak naar gerechtshof Den Haag wegens betrokkenheid raadsheer-plaatsvervanger

In deze civiele hoger beroepszaak, voortkomend uit een vonnis van de rechtbank Limburg te Roermond, heeft het gerechtshof ’s-Hertogenbosch de zaak in behandeling genomen. Tijdens de zitting gaf de raadsheer-plaatsvervanger namens de geïntimeerde aan dat hij betrokken is bij dit hof, waardoor een mogelijke belangenverstrengeling kan ontstaan.

Op grond van artikel 62b van de Wet op de rechterlijke organisatie kan het gerechtshof een zaak verwijzen naar een ander hof indien behandeling door het eigen hof ongewenst is vanwege betrokkenheid van een lid. Het hof ’s-Hertogenbosch heeft dit protocol gevolgd en besloten de zaak door te verwijzen naar het gerechtshof Den Haag, dat volgens het protocol is aangewezen voor dergelijke verwijzingen.

De zaak wordt in de huidige stand doorverwezen zonder inhoudelijke beoordeling van de geschilpunten. Het arrest is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer en ondertekend door de drie rechters die het arrest hebben gewezen.

Uitkomst: De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Den Haag ter verdere behandeling vanwege betrokkenheid van een raadsheer-plaatsvervanger.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Team Handelsrecht
zaaknummer 200.345.079/01
arrest van 19 november 2024
in de zaak van
[appellant],
wonende te [woonplaats] ,
appellant,
hierna aan te duiden als [appellant] ,
advocaat: mr. M.W. Steenpoorte te 's-Hertogenbosch,
tegen
[geïntimeerde] ,
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde,
hierna aan te duiden als [geïntimeerde] ,
advocaat: mr. K.A. Boshouwers te Utrecht.
op het bij exploot van dagvaarding van 19 augustus 2024 ingeleide hoger beroep van het vonnis van 24 juli 2024, door de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, gewezen tussen [appellant] als eiser en [geïntimeerde] als gedaagde.

1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/319743 / HA ZA 23-287)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.

2.Het geding in hoger beroep

2.1.
Bij voormeld exploot van dagvaarding heeft [appellant] [geïntimeerde] opgeroepen te verschijnen ter openbare terechtzitting van dit hof van 12 november 2024, waarbij in een nog in te dienen memorie van grieven nadere gronden zullen worden aangevoerd ter onderbouwing van de eis en conclusie zoals in de appeldagvaarding vermeld.
2.2.
Bij H2-formulier op de rol van 12 november 2024 heeft mr. K.A. Boshouwers zich gesteld namens [geïntimeerde] en heeft mr. Boshouwers gemeld dat hij raadsheer-plaatsvervanger is bij dit hof. Om die reden verzoekt hij de zaak te verwijzen naar een ander hof.
2.3.
Het hof heeft ambtshalve arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.

3.De beoordeling

Artikel 62b RO bepaalt dat het gerechtshof een zaak ter verdere behandeling kan verwijzen naar een ander gerechtshof indien naar zijn oordeel door betrokkenheid van het gerechtshof behandeling van die zaak door een ander gerechtshof gewenst is. Mr. Boshouwers is als raadsheer-plaatsvervanger betrokken bij dit hof. Het hof ziet hierin aanleiding om op grond van artikel 62b RO de zaak voor verdere behandeling naar een ander hof te verwijzen. In het daarvoor geldende protocol van gerechtshof ‘s-Hertogenbosch is het gerechtshof Den Haag aangewezen als het hof waarnaar de zaak dient te worden verwezen. Het hof zal de zaak daarom in de stand waarin deze zich bevindt verwijzen naar dat hof ter verdere behandeling.

4.De uitspraak

Het hof:
verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt ter verdere behandeling naar het gerechtshof Den Haag.
Dit arrest is gewezen door mrs. S.M.A.M. Venhuizen, E.H. Schulten en
J.M.H. Schoenmakers en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op
19 november 2024.
griffier rolraadsheer