Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
- [bewindvoerder], gevestigd te [vestigingsplaats] (de bewindvoerder);
- [belanghebbende 1], wonende te [woonplaats] ;
- [belanghebbende 2], wonende te [woonplaats] .
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze zaak was de rechthebbende in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, van 27 juni 2024. De zaak betreft een civielrechtelijke procedure binnen het personen- en familierecht.
Op 1 oktober 2024 heeft de advocaat van de rechthebbende het hoger beroep ingetrokken. Hierdoor heeft het gerechtshof vastgesteld dat de grieven niet worden gehandhaafd en dat de rechthebbende niet-ontvankelijk is in het verzoek in hoger beroep.
Het hof heeft vervolgens op 7 november 2024 in het openbaar uitspraak gedaan en de niet-ontvankelijkheid van de rechthebbende in het hoger beroep verklaard. De uitspraak is gedaan door de rechters E.M.C. Dumoulin, A.M. Bossink en M.J.C. van Leeuwen in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: De rechthebbende is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking.