Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
8.Het verloop van de procedure
9.De verdere beoordeling
‘overzicht meerverbruik VPC obv[op basis van, zo begrijpt het hof]
Multi-Site Resources’(hierna: het overzicht meerverbruik VPC). Daarbij vermeldt [getuige 5] als constatering, zakelijk weergegeven zoals het hof de verdere inhoud van de e-mail begrijpt, dat Acknowledge al gedurende een langere periode meer werkgeheugen in gebruik heeft dan waarvoor wordt betaald. Daar reageert [getuige 2] op bij e-mail van 22 maart 2018 (06:50 uur). Daarin schrijft hij dat ook Acknowledge een en ander heeft bekeken en nagezocht, en dat onder meer is geconstateerd dat het daadwerkelijk gebruik hoger is dan er wordt gefactureerd en dat het blijkbaar mogelijk is dat Acknowledge meer ‘resources’ (het hof begrijpt: werkgeheugen) gebruikt dan door Interconnect contractueel beschikbaar is gesteld. Daarbij wordt ook gesteld, zo verstaat het hof, dat men bij Acknowledge niet erg verbaasd is over het feit dat meer werkgeheugen wordt gebruikt dan waarvoor is gefactureerd, omdat het aanmaken en uitbreiden van werkgeheugen bij Acknowledge gebeurt en men er bij Acknowledge vanuit ging dat Interconnect het maximaal te gebruiken werkgeheugen had gelimiteerd en er daarom nooit een controle op heeft plaatsgevonden. Bij e-mail van 23 maart 2018 (10:51 uur) vraagt [getuige 5] vervolgens aan [getuige 2] of deze kan aangeven wat Acknowledge aan meerverbruik heeft geconstateerd. Op die vraag reageert [getuige 2] bij e-mail van 23 maart 2018 om 17:43 uur. Hij schrijft dat het verschil dat Acknowledge ziet in lijn is met wat [getuige 5] eerder heeft toegestuurd.
“volume”) werkgeheugen aan de orde als ook dat daarbij gestaffelde prijzen gelden. Gelet op het voorgaande passeert het hof het beroep van Acknowledge op het gestelde gemiddelde werkgeheugenverbruik van 1.005 GB RAM als zijnde bepalend voor het bedrag dat zij maandelijks aan Interconnect dient te betalen voor werkgeheugenverbruik.
aan te passen op basis van jullie huidige volumes:
dedicatedomgeving, achteraf bezien, wellicht anders had willen inrichten anderzijds. Ook de betekenis in dit verband van het door haar genoemde voorstel in januari 2019, onder verwijzing naar productie 22 bij conclusie van antwoord, is ontoereikend toegelicht.
dedicatedmulti-cluster omgeving en daarbij aan haar zogenoemde
affinity ruleswaren toegekend met de daarbij behorende vrijheden voor Acknowledge, technische beperkingen of begrenzingen te installeren. Die beperkingen of begrenzingen zouden ervoor hebben gezorgd dat Acknowledge niet ongemerkt, zonder dat zij dat zelf doorhad, meer werkgeheugen verbruikte dan de 2.229 GB werkgeheugen die aanvankelijk voor haar beschikbaar was gemaakt en waarvoor zij ook na mei 2016 nog geruime tijd is gefactureerd. In dit verband beroep Acknowledge zich voorts nog op onder meer de aard en inhoud van de opdracht, haar belang bij kostenbesparingen, de waarde van de opdracht, de relatieve deskundigheid van Interconnect als opdrachtnemer ten opzichte van die van Acknowledge, de verplichting van Interconnect als opdrachtnemer tot het afleggen van rekening en verantwoording en op Interconnect rustende informatie- en waarschuwingsplichten. Het hof oordeelt hierover als volgt.
“de extra kosten die Acknowledge dientengevolge zou dienen te maken in het kader van het (meer)verbruik”. Zij wordt door haar voorlopig begroot op € 514.272,83 exclusief btw. Het hof blijft bij wat het over deze vordering van Acknowledge heeft overwogen in de rechtsoverwegingen 3.5.1 tot en met 3.5.4 van zijn tussenarrest van 15 maart 2022.