Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
[minderjarige 1]), op [geboortedatum] 2016 te [geboorteplaats] .
- verleent aan de moeder, ter vervanging van de ontbrekende toestemming van de vader, toestemming om in de kerstvakantie 2023 met [minderjarige 1] te verhuizen naar [woonplaats moeder] , België;
- verleent aan de moeder, ter vervanging van de ontbrekende toestemming van de vader, toestemming om [minderjarige 1] in te schrijven op de [basisschool] , gevestigd te [woonplaats moeder] (België), alwaar [minderjarige 1] na de kerstvakantie 2023 zijn schoolgang kan starten;
- bepaalt dat de vader en [minderjarige 1] na de kerstvakantie 2023 in het kader van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken gerechtigd zijn tot het hebben van contact met elkaar eenmaal per twee weken in de oneven weekenden van vrijdag 18.00 uur tot zondag 19.00 uur, waarbij [minderjarige 1] na de kerstvakantie op deze tijdstippen gehaald en gebracht wordt van en naar station [station] (en de moeder het vervoer van [minderjarige 1] van [woonplaats moeder] naar [locatie] en andersom voor haar rekening neemt), een en ander zoals overwogen onder rechtsoverweging 3.42 en 3.43 (tot aan de Kerstvakantie 2023 geldt de bij beschikking van 20 april 2023 vastgestelde voorlopige zorgregeling);
- bepaalt dat de vader en [minderjarige 1] in het kader van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken gerechtigd zijn tot het hebben van contact met elkaar gedurende de navolgende vakanties en feestdagen: