Uitspraak
Raad voor de Kinderbescherming,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- [minderjarige], bijgestaan door mr. Engwegen;
- de opvolgend GI en voogd, vertegenwoordigd door twee medewerkers;
- de moeder, bijgestaan door mr. L.H.E.M. Berendse-de Gruijl als waarnemer voor
3.De beoordeling
- er bij [minderjarige] sprake is van ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling naar volwassenheid ernstig belemmeren, en
- de opneming en het verblijf noodzakelijk zijn om te voorkomen dat [minderjarige] zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken.