ECLI:NL:GHSHE:2023:3823
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.D.M. Lamers
- H. van Winkel
- M.I. Peereboom-van Drunick
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake opheffing bewind wegens geestelijke en lichamelijke toestand
De rechthebbende heeft in eerste aanleg verzocht het bewind over haar goederen op te heffen, omdat zij haar schulden heeft afgelost en haar situatie verbeterd is. Zij wil haar financiën zelfstandig beheren en krijgt daarbij steun van haar moeder.
De kantonrechter wees dit verzoek af, waarna de rechthebbende in hoger beroep ging. De bewindvoerders stelden dat de rechthebbende onvoldoende inzicht heeft in haar financiën en regelmatig ondoordachte uitgaven wil doen, zoals de aanschaf van een dure boxspring en een hond. Zij benadrukten de noodzaak van het bewind vanwege haar kwetsbaarheid.
Het hof oordeelt dat de grondslag van het bewind sinds 2019 is gewijzigd naar lichamelijke en/of geestelijke toestand en dat de noodzaak van het bewind nog steeds bestaat. De rechthebbende kan haar vermogensrechtelijke belangen niet volledig behartigen en heeft de bescherming van het bewind nodig. Daarom wordt de beschikking van de rechtbank bekrachtigd en de proceskosten in hoger beroep gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het besluit tot voortzetting van het bewind over de goederen van de rechthebbende.