Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
‘s-Hertogenbosch
[verdachte] ,
Het proces-verbaal van verdenking (artikel 27 Sv Pro) d.d. 9 oktober 2020, dossierpagina 30-32, voor zover inhoudende als relaas van verbalisant
[verbalisant 1] :
(het hof begrijpt: 1990)te [geboorteplaats]
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 juni 2020, dossierpagina 11, voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , respectievelijk wachtmeester en wachtmeester 1e klasse van de Koninklijke Marechaussee:
Het verzoek verstrekking gegevens uit: Databestand Ongebruikelijke Transacties d.d. 19 oktober 2020, dossierpagina 39-41, voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 4] :
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 5 juli 2020, dossierpagina 12-15, voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 5] :
(het hof begrijpt: de verdachte)de aankomsthal
(het hof begrijpt: van Eindhoven Airport)binnenlopen komende vanaf de vlucht uit Malaga.
Een kennisgeving van inbeslagneming (artikel 94 Sv Pro) d.d. 1 juli 2020, dossierpagina 102-103, rapporteur [verbalisant 5] voor zover inhoudende:
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 16 december 2020, met bijlagen, dossierpagina 46-52, voor zover inhoudende als relaas van verbalisant
- [verdachte]
- Over belastingjaren 2019 en 2020 zijn géén loongegevens bekend;
- Hij is sinds 2018 rekeninghouder van rekeningnummer [rekeningnummer 1] . Het saldo 31-12-2018 bedroeg € -75 en 31-12-2019 € -1;
- [verdachte] is niet gekend aangaande schenkingen en erfenissen;
- [verdachte] heeft bij zijn aangifte inkomstenbelasting over belastingjaren 2016, 2017 en 2018 geen aangifte heeft gedaan van contante tegoeden boven de vrijstelling;
- Hierdoor waren zijn contante tegoeden kennelijk niet hoger dan € 520 (2016), € 522 (2017) en € 527 (2018).
Het proces-verbaal van de in de zaak door dit hof gehouden terechtzitting in hoger beroep d.d. 25 mei 2022, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte:
Nadat de heer [betrokkene 1] in vrijheid was gesteld, is de verdachte op 28 juni 2020 alsnog met de heer [betrokkene 1] naar Malaga gereisd. Reeds twee dagen later, op 30 juni 2020, zijn zij teruggekeerd op Eindhoven Airport. Bij de verdachte werd toen opnieuw een contant geldbedrag aangetroffen, ditmaal in totaal € 2.350,-, onder meer bestaande uit coupures van € 100,- en € 200,-.
Nadat de verdachte en [betrokkene 1] door de Koninklijke Marechaussee waren gecontroleerd en het onder de verdachte aangetroffen geldbedrag in beslag was genomen, zijn de verdachte en [betrokkene 1] door twee personen opgehaald met een auto. Eén van deze personen bleek registraties te hebben op het gebied van de Opiumwet. Bij het aanspreken van de personen die de verdachte en [betrokkene 1] ophaalden, werd door verbalisanten de geur van wiet geroken en in de auto werden veel resten van wiet aangetroffen. Ook werd in de auto een factuur aangetroffen voor de aankoop van zwavelzuur, terwijl bekend is dat dit mede gebruikt wordt voor de productie van synthetische drugs. De verdachte zelf had antecedenten op het gebied van o.a. de Opiumwet. De verdachte heeft verklaard dat hij werkeloos was.
- het bij hem aangetroffen geld van zijn moeder is die op dat moment in de Ziektewet zat;
- zijn moeder het geld twee jaar geleden heeft geleend van de bank voor een verbouwing/renovatie;
- het geld
- dat hij dat op dat moment niet kon aantonen met bewijsstukken.
- hij het aangetroffen geld wederom van zijn moeder had gekregen;
- zijn moeder
- (de herkomst van) het (geld) aantoonbaar is via bankafschriften van de [bank] ;
- na het overlijden van zijn vader, zijn moeder de bankrekening heeft overgenomen, en dat de verdachte daarvoor ook gemachtigd is.
- hij het contante geld dat hij bij zich had, van zijn moeder heeft gekregen;
- hij in totaal € 10.000,- van zijn moeder had gekregen;
- zijn moeder wat pensioengelden van zijn vader had gekregen en daarnaast had zij wat spaargeld en had zij een lening afgesloten;
- de lening ter hoogte van € 20.000,- door haar in 2017 was afgesloten, mede voor de verbouwing van haar woning;
- ongeveer een half jaar na het afsluiten van deze lening zij het gehele bedrag heeft gepind. Dat was
- zijn moeder zelf nooit pint. Dat doen zijn zusjes of hij;
- hij het geld heeft gekregen, zoals het is gepind.
- hij het geld van zijn moeder had gekregen;
- dit geld van haar rekening is gepind;
- hij niet meer weet wanneer en hoeveel er is gepind.
- van één van de twee rekeningen van de moeder van de verdachte in het geheel geen contante geldopnames zijn gedaan in de periode 1-1-2018 tot en met 31-12-2020;
- op de andere rekening onder meer op 12 april 2018 een bedrag van € 19.097,93 is gestort met als omschrijving ‘ [omschrijving] ’, op 23 augustus 2019 een bedrag van € 9.000,- van [instantie 1] en op 10 februari 2020 een bedrag van
- op 19 april 2018 in drie keer in totaal een geldbedrag van € 5.000,-- is gepind;
- in 2018 in totaal € 14.080,- contant is opgenomen;
- op 7 december 2019 een contant geldbedrag is opgenomen van (in totaal) € 4.950. In totaal is in 2019 een bedrag van € 8.200,- contant opgenomen, waarvan € 2.850,- vóór 1 augustus 2019. In 2019 zijn ook een bedrag van € 900 (19-8-2019) en een bedrag van € 750,- (30-10-2019) contant op de rekening gestort;
- er in 2020 – het jaar waarin de verdachte is gecontroleerd door de Koninklijke Marechaussee – in het geheel geen opnames hebben plaatsgehad.
witwassen, meermalen gepleegd.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) maand;
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;
taakstrafvoor de duur van
114 (honderdveertien) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
57 (zevenenvijftig) dagen hechtenis;
- € 4.550,- (PL2700-20-047270-1);
- € 820,- (PL2700-20-047270-2);
- € 130,- (PL2700-20-047270-3);
- € 10,- (PL2700-20-047270-4);
- € 50,- (PL2700-20-047270-6);
- € 2.350,- (PL2700-20-047270-5).